§ Aanteekeningen en ophelderingen Max Havelaar

Wat overigens die Sentot betreft, men heeft hem na afloop van den Javaschen oorlog te vriend gehouden. Hy heeft z'n laatste levensjaren gesleten als gepensionneerde van den nederlandschen Staat, en z'n krygslieden werden by 't ned. ind. leger ingelyfd, doch niet en corps … wat zyn goede reden had. Nog in myn tyd—die wat Indie aangaat, een aanvang nam in Januari 1839—onderscheidden zich de uit Sentot's Barissan (geregelde troepen) afkomstige soldaten door goed gedrag, tucht en militaire houding. Het was niet zeldzaam, by inspektien of parades, een hoofdofficier, by 't wyzen op 'n flinken kerel, te hooren zeggen: Ienie apa lagie orangnja Sentot! "Dat is nog een man van Sentot!"

Search
Author(s)