24. Sirie. Pinang. Gambier. Slamat. De drie eerste woorden duiden de bestanddeelen aan die, met tabak en kalk, den voor den Javaan onmisbaren bétel-pruim vormen. In sommige gewesten van Insulinde ontmoette ik personen die niet pruimden, maar op Java zelden of nooit, de vrouwen niet uitgezonderd. Het bruine sap van den tabak, iets rooder gekleurd nog door de gambier, verft aller lippen en tanden. Fraai staat dit niet, doch 't wordt voor zeer mondzuiverend gehouden. Het gebruik van sirie—met toebehooren dan—is zoo algemeen, dat het europeesch begrip: drinkpenning, in Indie wordt uitgedrukt door 't woord wang sirih, d.i. sirie-geld.
Search
Author(s)
- Multatuli (auteur)