§ Aanteekeningen en ophelderingen Max Havelaar

68. Verbrugge wist het! Nog altyd ben ik in 't bezit van een briefje dat hy my deed toereiken op 'n oogenblik dat ik met den Regent in gesprek was, en waarin hy my—onder uitdrukkelyk verzoek hèm niet te noemen—uitnoodigde dat Inlandsch Hoofd eens onder handen te nemen over de "misbruiken." Het overbodige van dit verzoek laat ik nu daar. Er blykt uit:

Search
Author(s)