186. Vgl. blzz. 345 en 346. (Zie de alinea die begint met: "Toch zal de katastroof" tot en met de alinea die eindigt met: "een bedorven Nederlandsch Bestuur", M.D.) Ook de Noot op 't woord amokh op blz. 388. (Noot 141, M.D.) Moeten dan volstrekt de gruwelen van Cawnpore in ons lief Insulinde herhaald worden? En wat anders dan woest uitbersten zal ten-laatste den lang getrapten—en daardoor gedemoralizeerden—Javaan overblyven? Op welke Buitenplaats zullen dan de Van Twisten zitten, zy die de schuld dragen aan 'n woede zooals voorspeld wordt in Sentots vloekzang?
Search
Author(s)
- Multatuli (auteur)