§ Text Max Havelaar

Havelaar liet den kontroleur roepen. Intusschen richtte hy aan den geneesheer te Serang, een verzoek om opgave der verschynselen by Sloterings dood. Het antwoord dat hy op deze vraag bekwam, was niet in den geest der vermoedens van de weduw. Volgens den arts was Slotering gestorven aan een "abcès in de lever." Het is me niet gebleken of zoodanige kwaal zich zoo kan openbaren op-eenmaal, en den dood veroorzaken in weinige uren? Ik geloof hier te moeten achtslaan op de verklaring van mevrouw Slotering dat haar echtgenoot vroeger altyd gezond geweest was. Doch als men geen waarde hecht aan zoodanige verklaring—omdat de opvatting van 't begrip: gezondheid, vooral in de oogen van niet-geneeskundigen, zeer onderwerpelyk is—blyft toch de gewichtige vraag bestaan, of iemand die heden sterft aan een "abcès in de lever" zich gister kon te-paard zetten met het doel om een bergachtige landstreek te inspekteeren die in sommige richtingen twintig uren breed is? De arts die Slotering behandelde kan een bekwaam geneesheer geweest zyn, en zich niettemin vergist hebben in 't beoordeelen van de verschynselen der ziekte, onvoorbereid als hy was op 't vermoeden van misdaad.[151]

Search
Author(s)